Dominica/Portsmouth 20 februari 2017 – Cabrits walk

Ben reeds om half zes op, dat heeft mede te maken met de kakafonie van jodelende hanen aan de wal. Geeft niks, heb toch lang genoeg geslapen en ik wil vandaag even wat gaan wandelen. Na koffie en ontbijt pak ik dan ook mijn stevige schoenen en ga maar eens op pad. Ik wil meteen mijn vuilnis even aan wal brengen maar dat schijnt hier 10 EC per zak te kosten en ik ga dus maar even bij Bob langs om te zien of we gezamenlijk een wat grotere zak kunnen vullen. Dat blijkt geen probleem en met een flinke zak ga ik dan ook richting de PAYS steiger. Het blijkt mee te vallen, ik hoef slechts 5 EC te betalen voor de grote zak en na deze achtergelaten te hebben ga ik op pad. Mijn doel vandaag is het Cabrits nationaal park en het fort dat op de Cabrits (de in zee stekende landtong die ook wel twin peaks word genoemd) ligt. Na een kwartier flink doorstappen kom ik bij de ingang van het nationaal park dat grenst aan de Prince Rupert’s ankerbaai. Bij de ingang staan wat gerestaureerde gebouwtjes en is een restaurantje. Wanneer ik de klim richting Fort Shirley wil beginnen wordt ik geroepen; of ik wel een toegangskaartje heb. Niet dus, maar ik was mij er ook niet van bewust dat ik dat nodig had. Een toegangskaartje is redelijk aan de prijs (32 EC) maar geeft mij ook toegang tot andere parken op Dominica en is een week geldig. Legaal begin ik aan de klim naar het Fort. Het blijkt een prachtig gelegen en fraai gerestaureerd gebouwen complex te zijn. Het is voor een (zeer) klein deel ene museum maar kan hoofdzakelijk dienen als groepsonderkomen of vergaderruimte. De gebouwen zien er on-Dominicaans fraai uit en de restauratie is dan ook mogelijk gemaakt door de EU. Na even wat rondgeneusd te hebben in en rondom het fort begin ik aan de wandeling naar de top van de westcabrit. Het is een klimmende wandeling van ca. 40 minuten one-way over een zeer oneffen terrein. Niet moeilijk maar wel inspannend met deze temperaturen en geen wind. Gelukkig is het meeste in de schaduw… Voor mijn voeten springen kleine hagedissen continue weg en her en der kruipen hermitcrabs snel in hun huisjes wanneer ze mij horen aankomen. Halverwege is en bankje geplaatst met vroeger vast fraai uitzicht maar dat is inmiddels volledig dicht gegroeid. Ik ga even zitten om wat water te drinken en wordt eigenwijs aangekeken door een Tree Lizzard die plots naast mij zit. Na een keer zijn nekvel opgeblazen te hebben kiest ie ’t hazenpad en ga ik weer verder met mijn klim naar de top. Zo’n twintig minuten later bereik ik de top. Aldaar staat een flink kanon en is in de verte Guadeloupe te zien. Dat zie ik overigens pas goed wanneer ik op het kanon klim, ook hier is de boel flink dichtgegroeid. Een van die struiken heeft bloemetjes en daar ontwaar ik zowaar een tweetal kolibries, de Caraibische kuif kolibrie en een green throat kolibrie. Het blijkt helaas onmogelijk deze vogeltjes op de gevoelige plaat vast te leggen en na een aantal pogingen geef ik het dan ook maar op. Tijd om weer af te dalen dus! Alhoewel afdalen aanzienlijk minder inspannend is blijken mijn rechter knie en enkel het toch minder prettig te vinden. Ik ben dan ook erg voorzichtig tijdens de afdaling en halverwege vind ik een rechte stok om mijn gewrichten wat te ontlasten. Dat lijkt flink te helpen. Eenmaal weer op verhard terrein en matige helling gaat het weer prima en kan de stok weer het bos in. Terug bij het restaurantje bestel ik een smoothie om even te hydrateren. Dat vinden de lokale mussen ook wel interessant en bepaald schuw zijn ze niet. Wanneer mijn smoothie op is zit er dan ook prompt zo’n mus op de rand van mijn glas. Gelukkig is mijn gevederde vrind goed opgevoed en gewend om het rietje te gebruiken… Met mijn vochtgehalte weer op orde begin ik aan de wandeling terug naar Portsmouth. De vlakke weg levert voor mijn knie geen problemen meer op en ik besluit dan ook maar even door te lopen het centrum in om even brood te halen. Ik kom daarbij o.a. langs iets wat op een school lijkt en ik besluit daar eens even te buurten. Ik word naar nurse Rachel doorverwezen en ik leg uit dat, als ze daar behoefte aan heeft, ik een bescheiden donatie van kleurpotloden en schriften wil doen. De oudere dame is uiterst vriendelijk en zegt het graag aan te nemen. Het blijkt hier met name te gaan om de opvang van zeer jonge kinderen (0-3 jaar) en daarnaast om opvang van zogenaamde ‘dropouts’ welke ze vervolgens in een tweejarig programma proberen bij te scholen zodat ze zelfstandig kunnen functioneren in de maatschappij. Het een blijkt vaak samen te gaan met het ander, het gaat vaak om zeer jonge moeders. Na een tijdje vriendelijk babbelen over Dominica neem ik afscheid en beloof morgen terug te komen met mijn bescheiden donatie. Wanneer ik terug wandel naar het dinghydock koop ik nog wat fruit en brood en zie ook dat de wind volledig gedraaid is. De wind wordt recht de baai in geblazen en de boten hobbelen achter anker en mooring. Ik lig niet al te ver van de kant dus ik wil graag snel terug naar de boot. Al stuiterend vlieg ik met de dinghy dan ook terug naar de boot. Er blijkt gelukkig weinig aan de hand te zijn, heb nog voldoende water onder de kiel en het anker is goed ingegraven. Erg comfortabel kan je het aan boord alleen niet meer noemen. Zodra de wind wat gaat liggen in de avond ligt de boot dwars op de golven, dat is nog vervelender dan met de kop in de golven. De boot wiebelt nu zo’n 10 graden naar beide zijden… Na een (erg) late lunch besluit ik de zinnen dan ook maar wat te verzetten met wat afleveringen van NCIS. Tegen tienen ga ik pas naar bed, de deining is gelukkig wat afgenomen, en langzaam word ik in slaap gewiegd.

This entry was posted in Dutch. Bookmark the permalink.

Wil je reageren? Dat kan!